Voorlichting

 Psycho-educatie

Een ander aspect in het werk waar aandacht aan besteed wordt is aan het geven van psycho-educatie of beter gezegd aan het geven van voorlichting over schizofrenie. Over het feit dat een jongere kwetsbaarder is dan anderen. De diagnose wordt gesteld door de psychiater en die vertelt ook wat dit inhoudt. Op de leefgroep wordt dit nog een aantal keren herhaald. Waarbij rekening wordt gehouden met het feit dat de jongere niet veel informatie in een keer kan opnemen. Het wordt soms meerdere keren en in kleinere stukjes uitgelegd. Hierbij wordt ook geprobeerd het voor de jongere inzichtelijk te maken. We confronteren de jongeren met hun gedrag en proberen dat te verklaren. Ook wordt de consequenties van hun handicap uitgelegd. Er moet vaak verteld worden dat ze misschien een aangepast leven moeten gaan leven. Dat ze misschien niet meer de dingen kunnen doen die ze eerder wel konden. Iedere jongere heeft natuurlijk zo z'n eigen toekomst ideeën over wat hij graag willen worden en naar welke school ze graag willen gaan. Soms is het hun hobby die ze op een bepaald niveau hadden willen doen en kan dat nu misschien niet meer op de manier die zij graag hadden willen doen. Het is vanzelfsprekend geen prettige boodschap die verteld wordt.

rouwproces

De opgenomen jongeren maken een soort rouwproces door met alle daarbij horende kenmerken zoals ontkenning, boosheid, frustraties en verdriet. Juist dit rouwproces en de begeleiding van dit proces is belangrijk in de verdere behandeling. Er zijn jongeren die blijven steken in de fase van ontkenning en boosheid. Jongeren die blijven volhouden dat ze nog steeds de dingen kunnen doen die ze altijd hebben gedaan. Zij worden boos en raken gefrustreerd als het hen niet meer lukt. Als de jongere z'n handicap niet aanvaardt, wordt het behandelproces bemoeilijkt. Als groepswerkers moeten we dan de plannen, doelen, ideeën bijstellen. En soms aanvaarden dat wij als team niet veel meer kunnen bijdragen aan het welzijn van de jongere. Niet alleen de jongeren zelf krijgen voorlichting maar ook de directe omgeving van de jongeren. Meestal zijn dit de ouders en voor hen geldt hetzelfde als voor de jongeren, misschien nog wel in een sterkere mate. Als ouder heb je een bepaald toekomstbeeld van je kind. Ook deze ideeën worden onzeker en het is moeilijk om dit zomaar even te aanvaarden. Je hebt een kind met een psychiatrische ziekte. Je brengt het naar een psychiatrisch ziekenhuis met het idee dat het daar van z'n ziekte kan genezen. En daar hoor je dat je kind een handicap heeft waar het, met enkele aanpassingen, mee moet leren leven. De ouders maken dan een vergelijkbaar rouwproces door als hun kind. Uit ervaring weten we dat het voor hen net zo moeilijk is als voor de betreffende jongeren, misschien nog wel moeilijker. De jongere heeft vaak al langer het gevoel gehad anders te zijn dan anderen. De diagnose of het verhaal van kwetsbaarheid komt voor hen niet zozeer meer als een verrassing. Soms is het zelfs een opluchting. Wat de jongere altijd al gedacht en gevoeld heeft, heeft nu een naam en kan een plaats krijgen in zijn leven. Voor de ouders is het vaak iets heel nieuws. Het proces van aanvaarden duurt bij hen vaak ook langer. En voordat je verder kunt met de behandeling is het wel belangrijk dat er een acceptatieproces heeft plaatsgevonden bij zowel de jongere, de familie als ook het multidisciplinaire team. Dit is noodzakelijk om de jongere zo goed mogelijk te steunen in het behandelproces. Bij iedere jongere en bij ieder ouder verloopt dit proces op een geheel eigen manier. En als groepswerker begeleid je dit proces, zowel bij de jongere als ook bij de ouders. Want als groepswerker sta je vaak het dichtst bij iedereen omdat je elkaar het meest ziet. Dit begeleiden betekent in belangrijke mate het steunen van de jongere en de ouders. De boosheid en frustratie aanhoren, veel praten over wat het voor hen allemaal betekent en het uitleggen waarom we bepaalde dingen zo doen als we ze doen. De houding dat je jezelf in probeert te leven in de situatie van de ander en toch de professionele afstand moet bewaren is soms ontzettend moeilijk.

© D Huizinga, Smilde, 2011